Waar ik mezelf over het algemeen zou omschrijven als een pragmatisch persoon, kan ik in mijn groep regelmatig bewust een afwachtende houding aannemen. Dit heeft twee redenen. Ten eerste neem ik dan als leerkracht echt de tijd om te kijken naar de kinderen en hun gedrag, zonder mijn invloed. Daarnaast bied het de kinderen de mogelijkheid om zich verder te ontwikkelen. Hoe kunnen ze bepaalde vaardigheden anders oefenen, als ik het altijd voor ze oplos?!

Zo kregen de kinderen een tijdje geleden van mij een teamopdracht om een script voor een toneelstuk te schrijven en vervolgens ook uit te voeren voor de klas. Er waren twee eisen; iedereen speelt een rol en over twee weken wordt het opgevoerd.

Waarbij het ene team meteen als een razende begon met het verdelen van de taken, waarbij er heerlijke vragen werden gesteld als “Wat is jouw talent?” Focuste een ander team zich voornamelijk op een brainstorm sessie, waarbij eerst ieder voor zich in stilte zijn ideeën noteerde, deze vervolgens gedeeld werden binnen het team en zelfs een stift (‘talking stick’) werd ingezet om te zorgen voor een gelijke deelname. Hier krijg ik oprecht tranen van in mijn ogen. Natuurlijk zijn er ook teams waar de samenwerking minder verloopt. Ook daar kijk ik naar en dwing ik mezelf om niet te snel in te springen. De kinderen hebben genoeg kennis en sociale vaardigheden in huis en zijn vaak prima in staat om compromissen te sluiten of andere oplossingen te bedenken. Juist het samen discussiëren en beargumenteren vind ik ontzettend leerzaam.

Komen ze er echt niet uit samen, dan sluit ik aan in het team om te bespreken wat ik heb gezien en gehoord. Soms doe ik dit klassikaal en vraag ik om hulp bij de andere teams. Soms doe ik het intern bij het team en vraag ik elk teamlid om suggesties voor een oplossing. Ook stel ik vragen zoals: “Voeg je wat toe? Of ben je meer een remmende factor?” Komen ze er dan nog niet uit, dan is er altijd nog een ‘paper-scissor-rock-oplossing’. Wat in zulke situaties verrassend vaak een eerlijke oplossing wordt gevonden.

Na bijna een jaar met je groep te hebben doorgebracht, neem ik voor mezelf altijd de tijd om stil te staan, te kijken en te genieten van mijn klas. Een beetje zoals een boer, al kauwend op een strootje, tevreden zijn volop in bloei staande akkers bewonderd.
Ik blijf het bijzonder vinden hoe een groep functioneert en hoe iedereen zijn eigen rol heeft binnen die groep. Een kind dat uit zichzelf een stiftenbak gaat sorteren op kleur. Een jongen die zonder een spreekbeurt te storen het licht even uit doet, zodat een plaatje op het bord beter te lezen is. Een meisje die vraagt: “Zou ik jouw laatje even opruimen, juf?” (JA!) Twee leerlingen die besluiten om voor de hele klas iets liefs te schrijven als verrassing tijdens het paasontbijt. Twee leerlingen die niet altijd samen door een deur kunnen, gebroederlijk achter één laptop waarbij de één de ander leert om instructiefilmpjes te maken. Het bouwen van een vlot tijdens kamp in volledige harmonie, waarbij volop complimenten worden uitgedeeld.

Dit kijken zonder je ergens mee te bemoeien, maakt mij echt gelukkig en trots. Waarbij ik vervolgens nog maar één ding kan concluderen: “Ik heb weer de leukste kinderen van de school!”

 

 

Geef een reactie