Geef kinderen geen keuze, als je al weet dat jij van één van die keuzes niet gelukkig wordt.

Deze wijsheid leerde ik in de rij bij mijn favoriete ijssalon in Nederland. Voor mij in de rij stond een moeder met drie jonge kinderen. Moeder: “Willen jullie een bakje of een hoorntje?” Twee wilden een hoorntje, één een bakje. Op dat moment realiseerde moeder zich hoe onhandig de combinatie kind & ijs is en begon de onderhandeling. Moeder: “Willen jullie niet liever een bakje?” Maar nee, de keuze was gemaakt en de kinderen waren (heel goed!) standvastig. Een hoorntje moest het worden.

Wat een leuk uitje had moeten zijn, werd een onnodige discussie. Deze had zeer gemakkelijk voorkomen kunnen worden wanneer moeder de vraag anders had geformuleerd: “Je mag een bakje met 1 bolletje, welke smaak wil je graag?” En dan hoop ik dat geen enkele volwassene zich gaat bemoeien met de ijs-smaak-keuze van een kind.

Dat duidelijkheid en keuzevrijheid belangrijk is, herken ik ook in mijn eigen groep. Hoeveel beslissingen zou een gemiddelde leerkracht maken per dag? Ik zeg eigenlijk best vaak ‘nee’. Dat zou een hele onprettige sfeer kunnen creëren, maar ik merk dat het vooral voor veel rust zorgt bij de kinderen. De kaders zijn duidelijk en binnen die kaders zijn keuzemogelijkheden.

Als je bezig bent met een onderwerp en je wilt graag dat de kinderen laten zien wat ze hebben geleerd. Kan dit op veel verschillende manieren: werkstuk, verhaal, muurkrant, filmpje, geluidsopname, presentatie, toneelstuk, fotoserie, lied, leertekening etc. Er als leerkracht alvast over nadenken of alle mogelijke vormen van verwerking jou de kennis geven die je nodig hebt op dat moment, kan het succes van je les met grote sprongen vergroten.

Hou bij het maken van deze keuze twee zaken in je achterhoofd: wat is het doel van je les en aan welke succescriteria moeten de kinderen voldoen.

Als het doel van je les is het testen van de individuele kennis van de leerlingen, zul je andere keuzes maken dan wanneer je graag wilt weten hoe een onderzoek is verlopen binnen een team. Als je de creativiteit wilt aanwakkeren bij je leerlingen, zul je bepaalde verwerkingsvormen bewust inzetten, terwijl deze misschien weer minder geschikt zijn als je kinderen wil laten oefenen met een nieuwe app of tool.

Kinderen zullen vaak vragen “maar, mag ….dan ook?” Bespreek dan de succescriteria met de kinderen. In de succescriteria geef je als leerkracht aan, waar je op let bij het beoordelen van een project of opdracht. Welke onderdelen verwacht je te horen of te zien? Wanneer is de opdracht een succes? Het geeft de leerling duidelijke handvatten waaraan een project moet voldoen. Deze informatie achteraf pas bekendmaken bij de beoordeling is een gemiste kans in je leerproces.

Werk je regelmatig op deze manier, dan kan je op een gegeven moment de succescriteria samen met de groep opstellen. Dit kan met grote projecten, maar ook bij een bladzijde uit het rekenboek. De vraag “maar, mag …. dan ook” kun je terugkoppelen aan dat kind of aan de groep. De succescriteria geven het doorslaggevende antwoord.

Wel zo duidelijk.

Comments are closed.